DOEN: 10.000 huizen jaarlijks erbij

Het is voor Rotterdam cruciaal om meer woningen te bouwen. Veel meer woningen. Dankzij de aantrekkingskracht die de stad nu heeft willen meer werkenden en gezinnen in de stad blijven of er naartoe komen. Deze mensen hebben geld te besteden, dat trekt nieuwe bedrijvigheid aan en dat levert werkgelegenheid op voor alle Rotterdammers. We moeten ze hier dus houden, maar ze kunnen in het middensegment nauwelijks meer een huis vinden. Als we dat niet veranderen gaat Rotterdam een historische kans om een structurele sprong voorwaarts te maken verkwanselen. 


Op onze to-dolijst: Veel. Meer. Bouwen. De bouw trekt dit jaar weer aan (in 2017 3764 nieuwe huizen in aanbouw, in 2016 ongeveer 1600), maar de ambitie moet nog veel verder omhoog. De komende jaren moet de absolute ondergrens op 4000 woningen per jaar liggen en de lat leggen wij op 10.000. Daar moeten we naar streven. 

 

  1. Makkelijkere bouwvergunningen. Het duurt nog veel te lang om een vergunning te kunnen krijgen om te bouwen of te verbouwen. In sommige gemeenten in Nederland kun je in een half uur een vergunning krijgen – dat willen we in Rotterdam ook.
  2. Afschaffen bureaucratie. Zo moet de invloed van de welstandscommissie zoveel mogelijk worden teruggebracht. Als zij een plan afwijzen moeten ze aangeven hoe het wél kan, in plaats van de aanvrager in onduidelijkheid achter te laten. 
  3. Wettelijke mogelijkheid gebruiken om voor bouwlocaties aan te wijzen hoeveel procent middenhuurwoningen er gebouwd moeten worden. Zo voorkomen dat alleen sociale huurwoningen of heel dure woningen worden gebouwd.
  4. Experimenteren met lagere huurgrenzen. Wij pleiten ervoor dat Rotterdam de mogelijkheid krijgt te experimenteren om gedurende een aantal jaar een lagere grens te hanteren voor het middensegment huurwoningen. Nu ligt die liberalisatiegrens op 711 euro per maand. Een lagere grens geeft veel mogelijkheden om ontwikkelaars betaalbare huurwoningen te laten bouwen zonder dat ze aan lastige regels zijn gebonden. Dit is cruciaal voor het woningaanbod voor de middenklasse.
  5. Veel meer grond beschikbaar maken. Soms zal de gemeente een verlies moeten nemen door grond te verkopen onder de (vaak opgeblazen) prijs waarvoor het in de boeken staat. Het doel heiligt dit middel. Het is namelijk echt cruciaal dat we de middenklasse in Rotterdam behouden en uitbreiden. 
  6. Welke grond? Deze grond:


a. Feyenoord City: niet 1.700 woningen, maar minstens 8.000. Kan veel groter dan nu beoogd door het college. Belangrijk daarvoor is om gebruik te maken van het rangeerterrein van de NS bij de Kuip. Dat is nu nog van de NS, maar je moet zo’n grote doodse vlakte niet in de stad hebben. De resterende sporen (4 of 6) die je nodig hebt voor het treinverkeer, kun je overkluizen. Dan verbinden we Feyenoord City ook gelijk mooi met Hillesluis, Bloemhof en Vreewijk. Dat geeft een enorme impuls aan de achterstandswijken op Zuid.

b. In aansluiting op Nieuw Kralingen (tussen A20 en het Kralingse Bos) kun je bouwen richting A16, dus tussen A16 en Kralingse Bos. Dat vraagt slimme oplossingen voor de sportvoorzieningen en volkstuinen daar, maar biedt veel kansen. Joost Ector presenteerde laatst al een schets met zo’n 5.000 woningen daar.

c.  Tussen Spangen en Oud Mathenesse ligt de Tjalklaan. Als je die overkluist (zoals de N14 in Leidschendam) kun je erop en ernaast bouwen.

d.  Als het om echt grote aantallen gaat, zullen we na de aanleg van de A13/A16 de A20 moeten omvormen. De weg blijft voor de bereikbaarheid nodig, maar kan wel andere vormen krijgen. Je kunt er 20.000 woningen kwijt als je gaat overkluizen. Dat verbindt dan ook de noordrand (Overschie, Schiebroek en Hillegersberg) met Noord, Crooswijk en Kralingen.

e.  Voor de kortere termijn: Mullerpier, Lloydpier, Laan op Zuid en Katendrecht afmaken. Daar kunnen echt nog flink wat huizen op.

f.  Stadshavens, en dan vooral Merwe-Vierhavens, tussen Lloydkwartier en Marconiplein, en daarna zelfs door richting Schiedam, biedt nog veel kansen. Daar kunnen ook vele duizenden woningen in.

g.  In Hoogvliet en IJsselmonde, en in mindere mate in Charlois, zijn nog veel plekken waar eengezinswoningen en kleinschalige appartementencomplexen passen. Telt op tot een paar duizend woningen.

h.  Er zijn heel veel kleine plots, ook in de binnenstad, waar veel woningen (gestapeld) passen. De torens die nu gebouwd worden aan de Baan en op het Wijnhaveneiland, zijn goede voorbeelden. Dit is veelal private grond, maar de stad kan dat faciliteren.

i.  De gemeente moet ook tempo maken lopende projecten. Dat nu bijvoorbeeld Rotta Nova, naast de Markthal, twee jaar vertraging oploopt vanwege het bestemmingsplan is bespottelijk. Moet veel sneller!

j.  Tot slot: de gemeente kan heldere keuzes maken om echt te verdichten in de binnenstad. Dat er nu een halfzacht plan ligt voor het Schiekadeblok, dat er nog geen koppeling is met het gebied rond Pompenburg (naast de Hofbogen) en met Zomerhofkwartier, schiet echt niet op. Voor dat hele gebied moet je één visie maken op bouwen, wonen, andere functies en mobiliteit. Als je dat als losse postzegels blijft ontwikkelen, wordt het een onsamenhangend geheel met waarschijnlijk grote mobiliteits- en parkeerproblemen.

k. En we zien vast nog wat over het hoofd.